Ik lig op de mat in de yogazaal.
Een rol onder mijn schouders.

Adem in, adem uit.

Er zit spanning in mijn rug en die is goed voelbaar.
Mijn spieren ontspannen niet en blijven werken.
Terwijl het niet hoeft.
Maar ze mogen nu uit hun greep en als zacht vlees van mijn ruggengraat glijden.
Zo over de rol heen.
Maar nee.

Adem in, adem uit.

Het stoort me.
“Ontspan, dammit!”
Alsof dat werkt…

Adem in, adem uit.

Ik ken het trucje.
Dat maakt in dat moment niet dat ik uit de weerstand ga.
Gelukkig kan eigen-wijsheid en volharding twee kanten op.
De harde, maar ook de zachte.
Ik kies voor de laatste.

Opnieuw,
Adem in, adem uit.

Ik blijf liggen.
Ik blijf voelen.
In zachtheid.
De weerstand geeft zich langzaam over in mijn rug.
Enigszins schokkerig, met nog hier en daar een kleine stuiptrekking, laat de spier los.

En weldra…
floep…
Met een diepe zucht zakt mijn hele rug over het rolletje heen.
Los…

Terwijl ik daar overgaar draadjesvlees lig te zijn, moet ik van binnen lachen.
Hoe fantastisch beeldend. Het gaat met het brein exact zo.

Niet kunnen ontspannen.
Jezelf daar evengoed toe zetten.
Weerstand komt omhoog.
“Ja maar, ik moet nog…!”.
Of,
“f**t dit, ik ga weer wat doen”.

Nee.
Blijven ‘liggen’.
In zachtheid naar Zelf toe.

Adem in, adem uit.

Verrek, er ontspant iets.
Hier en daar nog een stuiptrekking in de vorm van onrust dat omhoog borrelt.

Adem in, adem uit.

De weerstand wordt langzaam stil en stopt met mekkeren.

Adem in, adem uit.

En als zacht draadjesvlees zakken de gedachtes van schouders af de onderbuik in.
Zucht…
Stil…

Nieuwe energie krijgt de ruimte om er weer in te stromen.
Dat lukt niet als er spanning is.

Balans.
Wintertijd. Donker buiten. Warm binnen.
Perfecte tijd om hier bewuster bij stil te staan.
Opladen en bijtanken.

Welke ontspanning ga jij de komende tijd opzoeken om je draadjesvlees er af te laten glijden?